Categoriearchief: Opmerkelijke ontmoetingen met bomen

Dikke eik

Enkele jaren geleden tijdens het uitstippelen van een fietstocht in de buurt van Lochem (Achterhoek, Gelderland) zag ik op de kaart met een blauwe stip aangegeven staan ‘Dikke Eik’ bij het Huis Verwolde. Dat intrigeerde, dus werd de route zo gepland dat wij langs de ‘Dikke Eik’ zouden komen. En inderdaad, aangegeven op de aldus aangeduide plek stond daar tussen weiland en akker een enorme eik met, het moet gezegd, een dikke stam. Op enige afstand rondom de stam was een hekwerk aangebracht. Mogelijk met twee redenen: ter bescherming van de boom én ter bescherming van de passanten. Want de boom was duidelijk in niet al te beste conditie. Aan de zaagsporen en andere sporen van boombehandeling was duidelijk te zien dat er veel aandacht was besteed aan deze oude boom. Een informatiepaneel gaf uitsluitsel over de mogelijke leeftijd van de boom: tussen de 450 en 500 jaar oud. Verdere informatie betrof het feit dat dit mogelijk de dikste eik (stamomtrek 7,60 m) in Nederland is en dat de boom al werd genoemd in 1767, toen met een stamomtrek van 4,60 m. Na het maken van foto’s, uitgebreid bewonderen van de boom en bekijken van de resultaten van de verzorgende maatregelen waaronder duidelijk zichtbaar een kroonreductie, het verwijderen van zware zijarmen en het met gaas afsluiten van de holle stamvoet, kon met een voldaan gevoel de fietstocht worden hervat. Tot zover de ontmoeting met de ‘Dikke Eik’ ter plekke.

Quercus robur, de oude eik in april 2017
Foto: Gert Fortgens

Op zoek naar informatie over de eiken in Trompenburg sloeg ik recent weer eens een ordner open in ons archief. Op een kastplank staan diverse ordners met op de rugzijde aangegeven ‘Artikelen Interessant’ gevolgd door enkele letters van het alfabet. In dit geval de ordner met de letter Q, van Quercus. De hele map is gevuld met artikelen, fotokopieën, stencils, brieven enzovoorts, teruggaand tot ver in de jaren 1950. Al bladerend trof ik een pagina aan uit het blad ‘De Boomkwekerij’ van 1958 met als titel Boomveteranen (deel 1). Geschreven door Th.H. Klinkspoor. Bij de naam Klinkspoor dacht ik meteen aan het Kosmos Bomenboek uit 1969. Dit boekje heeft destijds een flinke oplage gekend en is in drie herdrukken verschenen. De laatste herdruk in 1974.

De passant valt bijna in het niet tegen de achtergrond van de ‘Dikke Eik’
Foto: Gert Fortgens

Maar vooral trof mij de foto van de boom met het bijschrift ‘de oude eik van Verwolde’. Op de foto is dezelfde boom, de ‘Dikke Eik” te zien maar dan in beduidend betere conditie dan zoals gezien tijdens de fietstocht in 2017. Deze vondst stimuleerde om wat verder te gaan spitten naar deze boom en de schrijver van het artikel in De Boomkwekerij. In de bibliotheek van de NDV/Trompenburg was het Kosmos Bomenboek snel gevonden. Over de schrijver Klinkspoor was in het boekje geen achtergrondinformatie te vinden. Op internet kon wèl informatie worden achterhaald uit 1988 in een artikeltje in Bomennieuws (Uitgave van de Bomenstichting). De heer Klinkspoor (Tom) was werkzaam voor Staatsbosbeheer en heeft al in 1953 gepleit voor de bescherming van waardevolle bomen in Nederland. Hij wordt omschreven als een echte bomenman en heeft veel bijdragen geleverd aan het blad van de Bomenstichting. Hij is in 1997 op 79-jarige leeftijd overleden. In zijn artikelenserie Boomveteranen blijkt duidelijk dat hij zeer betrokken was bij oude bomen verspreid over het land en dat hij veel moeite heeft besteed aan het registreren ervan en het vastleggen op foto’s. Een voorloper van de latere inventarisatie en registratie van bijzondere bomen in Nederland.
Tegenwoordig is er met enkele muisklikken een schat aan informatie op te halen. Wat betreft de ‘Dikke Eik’ onder andere op de website Monumentaltrees.com en Bomeninfo.nl. Op deze sites staat het nodige over de geschiedenis van de boom en wat er aan verzorgende maatregelen zijn uitgevoerd. Ook zijn er goede foto’s van de boom geplaatst.
http://www.bomeninfo.nl/lochem.htm
https://www.monumentaltrees.com/nl/nld/gelderland/lochem/283_landgoedhuisverwolde/1647/

Er valt veel te weten en vertellen over monumentale bomen in Nederland. Reden genoeg om, in samenwerking met specialisten op dit gebied van de Bomenstichting, een nieuwe rubriek te starten in Arbor Vitae. Wordt vervolgd!

Dikke Eik, uit: De Boomkwekerij 1958

Bonsaibomen, oud en klein

Afgelopen zomer waren we met vakantie aan de oostkust van de Verenigde Staten. We logeerden onder andere in Boston. Dan spreekt het vanzelf dat het Arnold Arboretum ‘moet’ worden bezocht. Het arboretum hoort sinds 1882 bij Harvard University, omvat 128 hectare (!) en zo’n 15.000 planten. Een fantastisch arboretum, alle bomen duidelijk benaamd met veel bezienswaardige oude exemplaren. Ook op een heel warme dag is er voldoende schaduw om rustig te wandelen. Het is niet alleen een eldorado voor dendrologen, maar ook voor vogelaars. Er schijnen allerlei bijzondere vogels voor te komen. Het arboretum is vernoemd naar James Arnold, een rijke zakenman die een flinke som geld naliet voor een arboretum.

Overzicht van de bonsaibomen
Foto: Ineke VInk

Een heel opmerkelijke ontmoeting was met de collectie van bonsaibomen (de ‘Larz Anderson collection’). Eigenlijk heb ik niet zo veel met bonsaiboompjes, ik zie de bomen liever tot volle wasdom komen zonder alle ‘geknecht’ en ‘dwang’. Aan de andere kant, een mooi miniatuurboompje met een ‘volwassen’ habitus heeft toch wel wat. Ook vind ik het intrigerend hoe bonsai-adepten de stam en wortels met ijzerdraadjes manipuleren … We volgden uit nieuwsgierigheid de bordjes en stonden ineens oog in oog met een houten constructie waarbinnen zich een flink aantal bonsaibomen bevonden. Op een houten platform konden we rondlopen en de verschillende planten bewonderen. Een verzorger was bezig de planten te besproeien, dat deed hij naar eigen zeggen drie keer per dag (het was heel warm in Boston). Als je naar een plant wees en iets te dichtbij kwam, klonk plotseling een strenge stem die vertelde dat het absoluut verboden was de planten aan te raken.
In totaal omvat de collectie 39 planten, in leeftijd variërend van 175 tot 275 jaar. Tussen november en april gaan de planten naar de winteropslag waar een temperatuur heerst van enkele graden boven nul en waar ze eenmaal per week water krijgen.
De voor mij meest bijzondere boom was een Chamaecyparis obtusa ‘Chabo-hiba’ uit 1737. Een prachtig exemplaar van tegen de driehonderd jaar oud. Onvoorstelbaar om tegenover zo’n klein, oud, levend wezen te staan … Voor wie meer wil zien en lezen op internet: www.arboretum.harvard.edu/plants/featured-plants/bonsai. Van harte aanbevolen.

Chamaecyparis obtusa ‘Chabo-hiba’ (daterend uit 1737) uitgelicht
Foto: Ineke Vink

Vorig jaar kreeg ik een bonsai cadeau: een Metasequoia glyptostroboides. Inmiddels ben ik aan het leren hem te verzorgen want met de hittegolf deze zomer waren ineens alle blaadjes verdord. Dankzij dagelijks sproeien (geleerd in Boston) beginnen de knopjes nu weer uit te lopen. Maar moeilijk blijft het.

Een kleine walnotenboom (Juglans regia) die van geen ophouden weet …

Hier in Frankrijk hebben wij een goede vriend, Jérôme. Jérôme is een enorm actieve man die ons kleine dorpje Ayen (circa 750 inwoners) in Frankrijk op de kaart heeft gezet met zijn niet aflatende strijd voor ‘duurzame ontwikkeling’ (développement durable). In 2005 heeft hij zelf een ‘eco-huis’ gebouwd: balken van Douglashout, gevelbekleding van lariks, hergebruikte leisteentjes als dakbedekking, parket van tamme kastanje, isolatie met houtvezel en hennep-kalk, een droog-toilet, fyto-zuivering van afvalwater. Een grote spekstenen kachel, gestookt met oude houten pallets, verwarmt het hele huis.
Als lid van de gemeenteraad maakte Jérôme zich onder andere sterk voor een aantal zaken: de gemeente onderhoudt ‘gifvrij’ het groen, het afval wordt gescheiden verzameld en er is een systeem van ‘samen reizen’ (carpoolen) met lokaal geld als betaalmiddel. Ook was hij de motor van een klein groepje mensen dat er voor heeft gezorgd dat op zes daken zonnepanelen zijn aangebracht (uiteraard ook zijn eigen dak) en dat dit voorjaar zo’n elf dorpelingen een elektrische fiets hebben aangeschaft (met korting).

Jérôme bij zijn misvormde walnootboompje
Foto: Koos Slob

Jérôme houdt van de natuur, is faliekant tegen verspilling en als het even kan is hij voor hergebruik. Dat geldt eigenlijk ook voor zijn tuin. Daar vinden we een heel bijzondere, vrij kleine boom. Het is een walnotenboom. Eigenlijk is het een halve boom. De helft van zijn stam is er niet meer. Het hout dat je daar ziet is voor een belangrijk deel dik wondweefsel. Het boompje is circa 5 m hoog en de geschatte omtrek is 100 cm. Het boompje is naar schatting zo’n vijftien jaar oud. Hij geeft elk jaar walnoten. In de winter denk je dat ie dood is, maar in het voorjaar loopt ie weer vrolijk uit. Heel verwonderlijk. Elke keer als ik in de tuin kom van Jérôme sta ik weer versteld van de vitaliteit van deze ‘zwaar gehandicapte’ boom die op geen enkele wijze van ophouden weet.
Eigenlijk is dit een verhaaltje geworden over een opmerkelijke man met in zijn tuin een opmerkelijke boom …

De basis van de walnootboom: minder dan de helft van de stam is over
Foto: Koos Slob
Halverwege de boom zijn dikke ‘strengen’ van callusweefsel te zien
Foto: Koos Slob